De neus van de Solo

Door 25 mei 2018Nieuws

Er is al veel geschreven en gesproken over de neus van de Solo. Maar
niet zoals John Wilson dat kan:

Een vraag voor de kenners die zeilen in de Solo: wat heeft Jac. Holt ertoe gebracht zo’n lelijke steven in zijn ontwerp te laten staan? Pakte hij het mes op bij een ruzie tussen zijn vrouw en de boekhouder en sneed er expres een stuk van zijn model af? Ging hier een trio, een Liason Dangereuse, aan stukken? Wat bewoog Jac. hier toch? Noem het effect hiervan met vriendelijke woorden: resoluut. Of: bijzonder gedurft. Een vernieuwde aanblik. Of gewoon een affront voor iedere bootontwerper. Het is een vraag die ieder seizoen weer opduikt als de Solo’s het water op gaan. Klootzakken zijn het, maar mooie. (vrij naar Nescio). In hemelsnaam kan iemand een diepzinnige logische verklaring geven voor dit affront? De steven van de Solo is zó eigengereid en apart dat je er vóór of tegen bent.
Ik zelf ben voor het Flying Dutchman-type. Dat vloeiende, dat snijdende door het water, welke golf er ook op botst. De Flying Dutchman, daar praten we over! Man wat een ontwerp! Neen, dan is de Solo-neus een gebroken neus op het botte af. Heeft mevrouw Holt er nooit over geklaagd? Is zij tekort gekomen in de liefde? Is Jac. hier een wrede bokkige wraak begonnen?

We weten het niet. OK, de Mirror was zijn aankondiging, hij was al op weg, zeggen de diehards, de Engelse Tweed-dragers à la Henry Moore. Moore die kunstwerk na kunstwerk geschapen heeft en tot over de hele wereld bekendheid verwierf. Maar Holt houdt een geheim vast. Sinister misschien. Holt stelt een daad en met verve. Hij legt het mes aan de simpele vorm van de boot. Het begrip NEUS, STEVEN, VOORKANT, heeft een dimensie. U kent het van de Cadetklasse. Wat heet stompig? De Solo gaat er een beetje onder gebukt. Niet geliefd onder de romantici. Niet helemaal met het odium van de rijke, voldragen zeilersklasse bekroond. Het is de hazenlip onder de besten die kunnen kussen. Dat moet je ervaren. Die ene kus. Dat is een uiting van liefde die je niet kunt kopen. De neus van Holt in deze Solo, is als de Fado van de Nederlandse dichter Slauerhoff. Als scheepsarts schreef de Fries Slauerhoff menig gedicht over de liefde. Die gedichten moet je proeven op de tong. Die kan je niet negeren als je in de zeilsport leert winnen en verliezen. Het is de pijn die je gelukkig stemt, een onvolmaaktheid die zo klaar en helder je als zeiler een grote verbondenheid geeft. Anders gezegd: het ontwerp van Holt was zó volmaakt dat hij er een deuk ingeslagen heeft. Dat is pas durf en lef hebben. Dat is komma, komma, een moment waarop je ziet dat de aantrekkingskracht van iets moois begint bij een kleine, minitieuze afwijking die zoveel persoonlijkheid toont. Voor mij is dat Liz Taylor in de film: ‘Cat on the hot thin roof’. Een waanzinnig maken film van twee uiterst knappe mensen (Paul Newman!) die elkaar niet kunnen bereiken en zich toch in elkaar verliezen. Hoe mooi de uiterlijke schijn is. De neus van Holt in de Soloklasse is met filmische termen een: ‘Tache de beauté’. Onvoorwaardelijk. Die kus moet je leren en zal je rijper maken. Je kan er om huilen en lachen, maar er is iets gemaakt dat er om vraagt te leren kennen: de neus van de Solo. Meer kan ik er niet over zeggen. O, neus!

J.W.